Categorie : Nieuws

HomeArchief voor: Nieuws (Page 66)

Controleer de identiteit van uw nieuwe werknemer

Wanneer u een nieuwe werknemer aanneemt, bent u verplicht de identiteit van deze persoon vast te stellen vóór de 1e werkdag. Om u te helpen, heeft de overheid een stappenplan ontwikkeld.

Het 5-stappenplan

Het stappenplan bestaat uit de volgende 5 stappen:

  1. 1. Vraag de werknemer om een origineel en geldig identiteitsbewijs te laten zien, zoals een paspoort of een identiteitskaart.
    Let op! Een rijbewijs voldoet niet, evenals een kopie van een identiteitsbewijs. De werknemer moet u echt een origineel bewijs tonen.
  2. Heeft de werknemer niet de Nederlandse nationaliteit, ga dan na of hij wel in Nederland mag werken. Dit kunt u bijvoorbeeld zien aan de arbeidsmarktaantekening aan de achterzijde van een Nederlands vreemdelingendocument.
  3. Controleer het identiteitsbewijs op echtheidskenmerken. Bevat het document bijvoorbeeld een kinegram (transparante afbeelding die van kleur en vorm verandert door het document te kantelen), voelt u met uw vingertoppen een reliëf, komen de cijfer- en lettertekens exact overeen met die op uw eigen identiteitsbewijs?
  4. Controleer of het identiteitsbewijs bij uw werknemer hoort. Komt de persoon op de pasfoto overeen met de persoon voor u? Vraag de werknemer naar zijn leeftijd, zodat u dit kunt checken met de geboortedatum op het identiteitsbewijs.
  5. Maak tot slot een kopie van het identiteitsbewijs en bewaar deze in uw loonadministratie.

Identiteit niet vast te stellen?

Kunt u de identiteit van uw werknemer niet op de juiste manier vaststellen, dan moet u het anoniementarief toepassen. Doet u dit niet dan kan de Belastingdienst u een verzuimboete opleggen van maximaal € 4.920. Datzelfde geldt voor de werknemer, want ook hij is verplicht om zijn identiteit op de juiste manier door u te laten vaststellen.

  • Geplaatst op 14 mei 2012
Lees Verder

Wat u moet weten over ouderschapsverlof

Uw werknemer heeft recht op ouderschapsverlof om zo voor een bepaalde periode meer tijd en aandacht te besteden aan de opvoeding van de kinderen. Heeft uw werknemer dit recht volledig gebruikt, dan kan hij of zij u aansluitend verzoeken om een tijdelijke aanpassing van de werktijden.

Het recht op ouderschapsverlof
Ouderschapsverlof is een wettelijk recht. Het kan worden opgenomen totdat het kind 8 jaar wordt en geldt per kind. Het opnemen van ouderschapsverlof mag u dus niet weigeren. De werknemer moet wel minimaal 1 jaar bij u in dienst zijn.

De werknemer bouwt tijdens de uren van het ouderschapsverlof geen vakantiedagen op. Tijdens het ouderschapsverlof hoeft u voor de verlofuren geen salaris uit te betalen, tenzij hierover andere afspraken zijn gemaakt. De uren die uw werknemer blijft werken, moet u uiteraard wel doorbetalen.

Duur van het ouderschapsverlof
Het aantal uren ouderschapsverlof waarop de werknemer recht heeft bedraagt 26 maal de arbeidsduur per week. Het verlof wordt per week opgenomen, gedurende een periode van 12 maanden en het aantal uren verlof is maximaal de helft van het aantal uren dat de werknemer per week werkt.

Flexibele werktijden na ouderschapsverlof
Ook na het ouderschapsverlof is het soms moeilijk om een baan goed te combineren met de zorg voor jonge kinderen. Sinds kort kan de werknemer u daarom verzoeken om een tijdelijke aanpassing (bijvoorbeeld een jaar) van de werktijden. Het verzoek moet drie maanden voor afloop van het ouderschapsverlof bij u worden ingediend. U moet uiterlijk vier weken voordat het verlof afloopt hierover een beslissing nemen.

  • Geplaatst op 23 apr 2012
Lees Verder

Afdrachtvermindering onderwijs uitgebreid met buitenlandse opleidingen

Heeft u als werkgever een student-werknemer in dienst, dan komt u mogelijk in aanmerking voor de afdrachtvermindering onderwijs. U hoeft dan minder loonbelasting/premie volksverzekeringen af te dragen. Vanaf dit jaar is de afdrachtvermindering onderwijs uitgebreid met buitenlandse opleidingen. Maar, let op: niet alle buitenlandse opleidingen komen in aanmerking en er gelden aanvullende eisen.

Opleiding in het buitenland

Vanaf 1 januari 2012 is de afdrachtvermindering onderwijs ook van toepassing als uw werknemer een opleiding volgt in een EER-land (Europees Economische Ruimte). Hieronder vallen alle EU-landen, IJsland, Noorwegen en Liechtenstein. De opleiding moet gelijkwaardig zijn aan een Nederlandse opleiding die in aanmerking komt voor de afdrachtvermindering onderwijs. Bovendien moet het gaan om buitenlandse opleidingen op mbo-niveau van de beroepsbegeleidende leerweg of niveau 1 en 2 van de beroepsopleidende leerweg. Daarnaast komen bepaalde opleidingen op hbo-niveau ook in aanmerking.

Zonder verklaring geen afdrachtvermindering

De Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) toetst of de buitenlandse opleiding gelijkwaardig is aan een Nederlandse opleiding. Is dit het geval, dan geeft de dienst een positieve verklaring af. U heeft deze verklaring nodig om de afdrachtvermindering onderwijs te kunnen toepassen. Een positieve beslissing van DUO moet u bewaren in uw loonadministratie.

Toetsingsformulier buitenlandse opleiding

De verklaring vraagt u aan met een speciaal aanvraagformulier Toetsing Buitenlandse opleiding. U vindt dit formulier terug op de website DUO-IB-Groep: http://www.ib-groep.nl/zakelijk/klantenservice/wet_vermindering_afdracht.asp. Het volledig ingevulde formulier stuurt u op naar: Dienst Uitvoering Onderwijs, Postbus 50105, 9702 GE Groningen. Naast dit formulier moet u ook diverse bewijsstukken meesturen. Het gaat in ieder geval om het bewijs van inschrijving van de buitenlandse onderwijsinstelling.

  • Geplaatst op 13 apr 2012
Lees Verder

Opbouw vakantiedagen tijdens arbeidsongeschiktheid

Het Europese Hof van Justitie heeft in januari 2009 geoordeeld dat de wettelijke vakantiedagen tijdens ziekte niet mogen komen te vervallen. Volgens de Nederlandse wet worden alleen over de laatste zes maanden van arbeidsongeschiktheid vakantiedagen opgebouwd. Als gevolg van deze uitspraak is er nu een wetsvoorstel tot aanpassing van de vakantiewetgeving ingediend bij de Tweede Kamer. Het wetsvoorstel regelt dat werknemers tijdens ziekte recht houden op hun wettelijke vakantiedagen (vier keer de overeengekomen arbeidsduur per week). Daarnaast gaat gelden dat de wettelijke vakantiedagen na anderhalf jaar komen te vervallen. Dit betekent dat de werknemer zijn vakantierechten feitelijk moet gaan genieten, anders is hij deze kwijt.

Werknemers moeten gestimuleerd worden om in ieder geval hun wettelijke vakantiedagen op te nemen in het jaar waarin ze zijn opgebouwd. Wettelijke vakantiedagen die bijvoorbeeld in 2011 zijn opgebouwd, dienen dan voor 1 juli 2012 te worden opgenomen. Vakantie te lang uitstellen kan hieraan afbreuk doen en de veiligheid en gezondheid in gevaar brengen. Bovenwettelijke vakantiedagen vallen buiten de nieuwe regeling. De verjaringstermijn voor die dagen blijft dus gehandhaafd op vijf jaar, te rekenen na afloop van het jaar waarin ze zijn opgebouwd. De vervaltermijn geldt niet voor werknemers die redelijkerwijs niet in staat zijn geweest vakantie op te nemen. Werkgever(s) en werknemer(s) kunnen in onderling overleg besluiten de termijn te verlengen.

  • Geplaatst op 4 jan 2011
Lees Verder

online-salaris.com gebruikt alleen (geanonimiseerde) analytische cookies en functionele cookies. Geen cookies van derden. Lees onze privacyverklaring

The cookie settings on this website are set to "allow cookies" to give you the best browsing experience possible. If you continue to use this website without changing your cookie settings or you click "Accept" below then you are consenting to this.

Close